Archive for the ‘Boeken en artikelen’ Category

Leren via e-learning effectiever of juist niet?

donderdag, juli 15th, 2010

Is een leertraject via het geven van een fysieke training effectiever dan via e-learning? Deze vraag zal waarschijnlijk door velen met een ‘ja’ worden beantwoord.

In het boek ‘Vertellen is nog geen trainen’ gaan Harold D. Stolovitch en Erica J. Keeps in of dit inderdaad zo is. Zij schrijven:

‘We vatten honderden onderzoeken even samen: de effectiviteit van de boodschap met als doel kennisoverdracht is niet gebonden aan de manier waarop de boodschap wordt overgebracht, maar aan de wijze waarop de boodschap zelf is vormgegeven’.

Het gaat de schrijvers erom dat de leerlingen worden getransformeerd met de nieuwe kennis. Om dit te bereiken moet je echt leerling- en resultaatgericht zijn en niet inhouds- of opleidersgericht, want dit laatste leidt vooral tot vertellen en overdracht. Je moet weten als ontwikkelaar/trainer hoe en waarom mensen leren en hoe het kan beklijven wat je de leerlingen hebt geleerd. Begin dus bij de lerende is het mantra van dit goed leesbare boek.

Ik ben blij dat de schrijvers de lerenden centraal stellen en vanuit daar het hele leertraject inrichten. Maar een grote uitdaging voor e-learningontwikkelaars want de meeste e-learningmodules zijn inhoudsgericht.

Artikel: Het didactisch inzetten van e-learning

zaterdag, december 19th, 2009

Samen met Diddo van Zand, algemeen directeur van Orga Toolkit, zijn wij door het Tijdschrift OnderwijsInnovatie geïnterviewd over het didactisch inzetten van e-learning. De inleiding van het artikel luidt als volgt:

Het didactisch inzetten van e-learningVirtuele klaslokalen, social software, webcamtrainingen, wiki en self assessments. Allemaal instrumenten voor e-learning die in het bedrijfsleven volop gebruikt worden. Het onderwijs blijft daarbij een beetje achter. Is die voorzichtige houding terecht? Arnout Vree, medeoprichter van Avetica en Diddo van Zand, algemeen directeur van Orga Toolkit, laten in dit artikel hun licht schijnen over e-learning en de ontwikkelingen binnen het onderwijs.

Het decembernummer is zojuist verschenen en hieronder kunt u het artikel downloaden en lezen.

Het didactisch inzetten van e-learning,
OnderwijsInnovatie december 2009 (PDF)

Eerste Belgische klant

zaterdag, december 12th, 2009

Afgelopen week heb ik een tweedaagse training Moodle verzorgd voor onze eerste Belgische klant. De wetenschappelijke uitgever Academia Press uit Gent wil met Moodle een meerwaarde creëren voor docenten en studenten. Uiteraard mag dit niet ten koste gaan van de verkoop van boeken, want daar leven ze van.
Het leverde goede discussies op waar de balans tussen didactiek (er moet toch geleerd worden) en marketing (er moet toch verkocht worden) goed werd gevonden.

Het lijkt erop dat uitgeverijen steeds vaker concrete stappen nemen om content ook digitaal aan te bieden. “Het boek rechtop” zien ze terecht nog niet zitten, maar concrete meerwaarde bieden op internet rondom boeken en bladen is een keuze waar ze niet meer omheen lijken te kunnen, met name om niet achter te lopen op concurrenten of juist de voorsprong te behouden. Ook Moodle wordt steeds vaker gezien als mogelijkheid.

Gent_steengoedEn welk cadeau kreeg ik mee na mijn training? Uiteraard een boek: Gent … Steengoed! Het is een hartstikke mooi boek en overigens ook een hele mooie stad. Dus over de volgende stedentrip hoef ik niet meer lang na te denken…

Handleiding Moodle

zaterdag, oktober 17th, 2009
Using Moodle 2nd

Using Moodle 2nd

Er wordt toch nog regelmatig naar een handleiding Moodle gevraagd. Hier en daar zijn er korte handleidingen gemaakt door docenten en aanbieders van Moodle en op www.walhak.com/cursusmoodle staat een online cursus. Ook zijn er boeken verschenen over Moodle. Van de het boek Using Moodle van juli 2005 is nu een de tweede versie verschenen die iedereen kan downloaden en eventueel kan uitprinten (wel 284 pagina’s…)

Je hebt twee opties:

Help

Help

Maar natuurlijk blijft ook de online documentatie van Moodle als naslagwerk beschikbaar en bij vrijwel alle functies en opties in Moodle staat het bekende vraagteken.

Wat mag wel of juist niet op internet volgens de wet?

woensdag, januari 21st, 2009

Ik heb het boek “De wet op internet” gelezen van Arnoud Engelfriet. Zie ook de afbeelding hiernaast. Deze afbeelding is overigens inline gelinkt (oftewel, een dieplink). De afbeelding wordt op het oproepen van deze pagina gehaald van de site van www.iusmentis.com. Nu lees ik in dit boek dat dit inline linken inbreukmakend kan zijn. “Een inline link is te zien als een herpublicatie van de afbeelding, en dat mag niet van de Auteurswet.”

Deze zin citeren mag overigens wel, alleen voor het doel waar ik het voor nodig heb.

Een goed en zeer leesbaar boek over allerlei juridische aspecten die gelden op het internet. En van een aantal onderwerpen moet ik toch wat meer afweten, zoals auteursrecht, licenties van open source software, hyperlinken, profielsites, en bloggen. De wet op internet

En minder dan ik dacht, loopt de wet achter bij de ontwikkelingen van het internet.  “Oude” regels kunnen vaak heel goed toegepast worden, want virtuele diefstal of niet? Het blijft diefstal.

Conclusie: een aanrader!

SUCCES met de plakfactor

maandag, augustus 11th, 2008

plakfactor

Waarom slaan sommige ideeen wel aan en andere niet? Op deze vraag proberen de schrijvers een antwoord te geven in hun boek “De plakfactor”. Op msnbc.com staat een interview met de schrijvers Dan Heath & Chip Heath.

Er zijn 6 principes van succesvolle ideeen, namelijk:

  1. Simple (simpel)
  2. Unexpected (onverwacht)
  3. Concrete (concreet)
  4. Credible (geloofwaardig)
  5. Emotional (met gevoel)
  6. Story (met een verhaal)

De eerste letters vormen SUCCES.

Daarnaast geven ze aan dat als je een eenvoudig idee wilt formuleren, dat je eerst de kern moet opzoeken. Dus verwijder het idee van alle franje. Kleed je idee zover uit zonder dat het aan betekenis inboet. Bijzaken, maar ook redelijk belangrijke zaken; schrappen!

Bij een training webschrijven heb ik zoiets ook al eens gehoord, daar noemde ze het: “kill your darlings“. Maar waarschijnlijk had ik deze zin ook moeten weglaten…

Een simpel stappenplan wordt dus:

  • vind de kern
  • vertaal die kern aan de hand van de SUCCES-checklist

Maar als ik kijk naar onze wereld vol marketing en reclame, dan zijn deze twee stappen toch niet zo simpel als het lijkt… De titel van het boek is het in ieder geval wel!

Combineren van zintuigen tijdens presentatie?

dinsdag, augustus 5th, 2008

De docent van mijn opleiding Opleidingskunde gaf het volgende boek als tip aan onze groep: “Spreken in het openbaar“. Een goed leesbaar boek waar iedereen die presentatie geeft veel aan kan hebben. Toch wringt er iets bij mij…

sprekeninhetopenbaarIn hoofdstuk 6 noemen ze de “tegelijktijd-methode”. Deze methode is eigenlijk wat we allemaal doen; steekwoorden op de dia en praten hierover. Wat het publiek hoort, zien ze ook (gedeeltelijk). Volgens de schrijvers is 30-35% van de mensen auditief ingesteld en de rest visueel. En omdat we maar één ding tegelijktijd kunnen (luisteren óf lezen), is deze methode niet effectief.

Later in het hoofstuk adviseren ze eerst een gedeelte van uw verhaal te vertellen, daarna de beamer aan te zetten met een samenvatting. Beamer weer uit (of zwarte dia) en weer verder vertellen met weer daarna een samenvattingsdia. Zo hoeft het publiek niet te kiezen tussen luisteren en lezen. Een goede spreker bepaalt volgens de auteurs namelijk wat het publiek doet: Luisteren óf lezen.

Waar wringt het bij mij?

  • Uit neurowetenschappelijk onderzoek blijkt dat bij het gebruiken van alle zintuigen de hoogste hersenactiviteit wordt gemeten. In “Leren in organisaties” van september 2007 staat: “Activering van verschillende zintuigen versterkt de verbindingen (in de hersenen) en het grotere netwerk, en daarmee de kans op herinnering”. Dus gebruik maken van meerdere zintuigen verhoogt het leereffect.
  • Voor het luisteren naar een verhaal (zonder PowerPoint-presentatie) hebben we een lange concentratieboog nodig. Die hebben we niet allemaal meer (vanwege TV?) en dus lopen we ook het risico om een gedeelte van het verhaal te missen. Neem bijvoorbeeld eens de preken in een kerk. Hoeveel kerkganger kunnen de preek navertellen?
  • De meeste mensen zijn dus visueel ingesteld en moeten heel hard hun best doen om te luisteren. Dat kost ook energie en zal dus negatief uitwerken naarmate uw verhaalt duurt.
  • Als je de tegelijkertijd-methode hanteert, bedien je daarmee zowel de auditieve als de visueel ingestelde mensen. De ene groep zal alleen meer hebben aan wat u vertelt, de andere groep aan wat u opschrijft.

Wel ben ik het met de auteurs van het boek eens dat bij een presentatie met beamer er minder aandacht is voor de non-verbale communicatie van de spreker. Uit wetenschappelijk onderzoek blijft dat non-verbaal gedrag enorm belangrijk is bij het overtuigen van het publiek.
Daarnaast richten mensen hun blik automatisch op iets dat licht geeft. Een beamer (of TV die aanstaat in een woonkamer) zal meer aandacht trekken dat de spreker.

Een nuttig boek, maar een paar kleine kanttekeningen op het gebied van didactiek.

Effect trainingen inzichtelijk maken

woensdag, mei 14th, 2008

Er worden heel wat trainingen (en curssusen en opleidingen) verzorgd. De evaluaties zijn meestal positief, want de broodjes, koffie en cursusleider waren allemaal oke, de sfeer was gezellig en we hebben nog wat geleerd ook…

Terecht wordt in “Leren in organisaties”, april 2008 afgevraagd waarom trainingen niet effectief zijn. Wat is het rendement van een training? Dit is natuurlijk lastig om te meten, maar er zijn wel mogelijkheden om het in ieder geval inzichtelijk te maken. Niet in cijfers, want dat zegt niet zoveel. Een voorbeeld toen ik zelf les gaf op de basisschool: een leerling heeft op het rapport voor hoofdrekenen een 7,5. Een ruime voldoende. Maar heeft deze leerling dit met twee vingers in de neus gedaan of heeft de leerling heel hard geoefend om vanaf een 6,5 op het vorige rapport een heel punt hoger te scoren op dit rapport. In het laatste geval heeft de leerling veel meer geleerd en niet alleen hoofdrekenen, maar ook bijvoorbeeld doorzettingsvermogen. Het leerproces is dus eigenlijk interessanter dan het eindresultaat.

Om leerresultaten na een training inzichtelijk te maken zijn verschillende mogelijkheden, maar eigenlijk gaat het erom dat de cursist expliciet zijn (/haar) leerervaringen verteld in combinatie met zijn praktijk. Door dit te vertellen, of nog beter, op te schrijven, wordt de cursist gedwongen goed na te denken wat hij opschrijft en dus zorgvuldiger en nauwgezetter zijn toegepaste kennis en ervaring deelt

Mogelijkheden voor deze vorm van kennis delen zijn:
- presentatie aan de collega’s
- artikel schrijven
- wiki aanvullen
- weblog bijhouden
Deze laatste mogelijkheid wordt nog heel weinig toegepast. Jammer is dat, want het leerproces van een cursist wordt dan pas echt inzichtelijk. Daarnaast is het schrijven van een weblog geen eenmalige actie, wat leren ook niet is. Tel daarbij ook dat medecuristen en collega’s de weblogs kunnen lezen en erop kunnen reageren. Dit laatste is belangrijk, want reacties zetten de cursist weer aan het denken en dus aan het leren. Zie ook mijn andere bijdrage over de didactiek van webloggen.

Het gebruik van weblogs in organisaties is een praktische en krachtige manier om kennismanagement en de leerontwikkeling van medewerkers inhoud te geven. Alleen de drempel van regelmatig bloggen en je kennis en ervaringen durven te delen moet nog genomen worden…

E-learningmodulen saai?

woensdag, april 30th, 2008

Op e-learning.nl staat het artikel “weg met leuk” van Erik Huisman. Veel e-learingmodulen zijn saai en de roep om leukere e-learningmodulen door zowel cursisten als e-learning professionals wordt telkens gehoord. Erik Huisman geeft in het artikel aan dat veel leerervaringen helemaal niet zo leuk zijn. en dat leren moet gebeuren in een veilige omgeving. Niks mis daarmee, alleen we blijven zitten met cursisten die leren via het internet gewoon niet leuk vinden. En is motivatie niet een van de randvoorwaarden om sowieso te kunnen leren?

Hoe komt het nu dat veel e-learningmodulen niet leuk (genoeg) zijn? Ik noem een paar redenen:

  • Geen passie: een e-learningmodule mist een enthousiaste docent en als ik terugdenk aan mijn schooltijd, vond ik de lessen leuk waar een enthousiaste leraar voor de klas stond. Geen non-verbale communicatie dus
  • Klik-maar-door-pagina’s: veel tekst met hier en daar een afbeelding, tussendoorvraagjes, en een filmpje. Teksten lezen vanaf een scherm is veel minder prettig dan van papier en daarbij worden de teksten vaker gescand dan gelezen.
  • Individueel: alleen leren achter je computer, met een beetje geluk zit er ergens een forum in waar je kunt communiceren met anderen en met nog een beetje geluk wordt dit forum ook nog gebruikt ook.
  • Eenrichtingsverkeer: veel e-learningmodulen gooien kennis over de schutting en het is je eigen verantwoordelijkheid dat je deze kennis ook opvangt en dus dat je wat leert. Zou deze passieve vorm van leren veel effect hebben? het boek rechtop: iets overdreven, maar veel e-learningmodulen zijn eigenlijk een kopie van het leerboek, maar dan in een e-learningmalletje gegoten. Het middel verandert van boek naar computer, maar de inhoud niet.
  • Veel theorie: veel e-learningmodulen behandelen netjes de theorie van een bepaald onderwerp, maar veel cursisten denken vanuit de praktijk. Theorie staat te ver van hen af.
  • 10% leren van wat we lezen: als we kijken naar hoeveel we leren bij welke activiteit van ons (zie afbeelding “How the brain learns” van David Sousa), dan leren we niet zoveel van lezen, maar 10%! Iedereen wil eigenlijk wel leren, maar als ik veel tijd stop en ik leer weinig, dan vind ik dat ook niet leuk…

how_the_brain_learnsIk heb ook nog niet de graal gevonden, maar met bovenstaande punten in het achtergrond, kan ik e-learningmodulen ontwerpen die meer aansluiten bij de cursisten, want leren moet leuk zijn, ook via e-learning! Dat is mijn uitdaging.

Drijfveren

maandag, april 28th, 2008

Drijfveren zeggen iets over je motivatie, houding, voorkeur en waarden. Je drijfveren kunnen als gevolg van tijd, ervaring of anderszins veranderen. Hoe meer je drijfveren zijn terug te vinden in je studie of werk, hoe beter je je op je plek zult voelen.

Bij drijfveren gaat het er om wat mensen werkelijk beweegt. Ben je bijvoorbeeld meer geïnteresseerd in autonomie en individuele vrijheid of ga je meer voor macht en status? De volgende drijfveren worden vaak onderscheiden:

  1. Materiële beloning; belang dat je hecht aan een hoog inkomen, materialisme;
  2. Macht en invloed; verlangen andere mensen en gebeurtenissen te kunnen leiden of beinvloeden;
  3. Persoonlijke waarden en normen; bijdragen leveren aan een groter geheel en daaraan eigen financieel of ander belang ondergeschikt maken.
  4. Specialisme; ergens heel goed in willen zijn;
  5. Creativiteit; produceren van nieuwe ideeen of producten, vernieuwend bezig zijn;
  6. Sociale contacten; gezelligheid en vriendschap;
  7. Autonomie; onafhankelijkheid en zelf beslissingen kunnen nemen;
  8. Zekerheid; lange termijn zekerheid is belangrijk, zoals een pensioen, vast inkomen en eigen huis waar je lang in kan blijven wonen.
  9. Status; indruk of aanzien is belangrijke drijfveer, bijvoorbeeld via geld of een specialisatie die dan als middel dienen.

Bron: http://www.vaardighedentest.nl/drijfveren.php